De
contrabas, anno 1493?
De contrabas, de natuurlijke
voorganger van de basgitaar, heeft een lange historie. In 1493
is er in geschriften al sprake van ‘violen zo groot als mensen’,
waarschijnlijk een soort contrabas dus. De oudst bekende
tekening van het instrument stamt van 1516 en bekend is dat de
contrabas in de zestiende eeuw al in symfonie-orkesten voorkwam.
In 1677 verschijnt een vroege speelinstructie voor het
instrument. Een veel gebruikte moderne speelmethode wordt in
1874 uitgegeven, de tijd waarin de contrabas binnen symfonie
orkesten een meer zelfstandige rol krijgt.
De
tuba als voorloper van de bas
Binnen de moderne muziek van
rond 1900 is binnen de jazz aanvankelijk geen (belangrijke) rol
weggelegd voor de contrabas, maar zijn de overheersende
instrumenten aanvankelijk piano, drums, banjo en tuba. Het is de
tuba die in tweekwartsmaat in hoge mate het ritme van de muziek
bepaalt. Kornetspeler Buddy Bolden (1877-1931) formeert in 1895
in New Orleans één van de eerste jazzbands van betekenis. Deze
band maakte dixieland-achtige muziek met een onder meer een
contrabas, de tuba en de banjo. De eerste bastuba was, met
gebruikmaking van een nieuwe ventieltechniek, in 1835 ontwikkeld
door Wieprecht & Moritz, later volgde nog een tenortuba.
1910:
De Mando Bass van Gibson

Aan het einde van de
negentiende eeuw deed de (klassieke) mandoline zijn intrede in
de populaire muziek. Mandoline orkesten kwamen in trek en bleven
tot in de 1920's uiterst geliefd. Gibson bouwde een groot
assortiment mandolines, waaronder vanaf 1910 ook de zogenaamde
Mando Bass, een akoestische bas-mandoline van 24-inch, met 17
frets.

1920's: Het standaard jazzorkest met
contrabasDe term
‘band’ ter aanduiding van een kleiner orkest dat populaire
muziek maakt (meestal gespeeld door zwarte muzikanten) wordt
geboren. Dat gebeurt vermoedelijk in Chicago, de stad waar veel
jazzmuzikanten uit New Orleans en omgeving naartoe trekken als
er rond Bourbon Street zelf na 1917 maar weinig meer te beleven
valt. De benaming 'band' wordt vooral gebruikt om jazzorkestjes
met hoogstens zo’n zeven muzikanten aan te duiden. In deze
kleinere orkestjes wordt vanaf circa 1920 in toenemende mate
gebruik gemaakt van de contrabas als ritme instrument in
samenspel met slagwerk. Maar ook de piano, de gitaar en - nog
steeds - de tuba worden als ritme-instrumenten gebruikt.
1924:
Lloyd Loar versterkt de contrabas

De eerste persoon die een
(contra)bas elektrificeerde, was Lloyd Loar namens de
Gibson-company, in 1924. Gibson bracht de elektrische staande
bas nimmer in productie, omdat de geluidskwaliteit sterk te
wensen overliet. Na Loar experimenteerden enkele grote
gitaarfabrikanten (onder wie Gibson en Rickenbacker) verder, mat
dit leidde niet tot waarlijk invloedrijke technieken.

1920's: Pops Foster stapt over van tuba
op bas
Pops Foster, geboren in 1892, was een belangrijk jazzmuzikant.
In 1906 speelde hij al tuba in bands rond New Orleans. Van 1918
tot 1921 speelde hij in California bij het beroemde jazzorkest
van Kid Ory. In 1928 vertrekt Pops naar New York en speelde
daarna met onder anderen Louis Armstrong, Earl Hines en anderen.
Pops Foster speelt in de periode 1920-1930 een belangrijke rol
in de overstap van de tuba naar de contrabas en de overgang van
de tweekwartsmaat naar de vierkwartsmaat.
1935:
De massieve basgitaar van Audiovox

In 1935 werd al de eerste
massieve elektrische basgitaar gemaakt! Dit ontluisterende feit
werd pas in de 1990's algemeen erkend. Het was de Audiovox Model
736 Electronic Bass, gebouwd door Paul Tutmarc uit Seattle.
Tutmarc maakte onder de merknaam Audiovox lapsteels en
versterkers. Het dagblad van Seattle maakte in februari 1935 al
melding van Tutmarcs nieuwe muziekinstrument. De basgitaar van
Audiovox - veel groter en zwaarder dan Fenders veel latere
Precision - had frets en was massief, maar beleefde een
productie in een uiterst kleine oplage. Nog voordat Tutmarc een
elektrische basgitaar maakte, had hij al een elektrische
contrabas gebouwd, die een sterk gelijkenis vertoonde met een
massieve cello. Hoewel Tutmarcs zoon Bud in de late 1940's het
ontwerp poogde aan de vergetelheid te onttrekken, kreeg Paul
Tutmarc pas rond het midden van de 1990's de eer die hem toe
kwam.
1936:
Elektrische bas met gutstrings
George Beauchamp ontwikkelde
voor National en Rickenbacker de eerste elementen, die begin
1930's hadden geleid tot de zogenaamde Frying Pan, een massieve
elektrische lapsteel gitaar (schootgitaar). Later wijdde
Beauchamp zich aan het elektrificeren van de bas. Hij gebruikte
bassen met gutstrings ofwel snaren van dierlijk darmmateriaal.
In de buurt van de plek waar het element zich bevond, waren de
snaren omwonden met metaal, zodat de resonantie het magnetische
veld kon beïnvloeden. Net als de latere vinding van Ampeg om
bassen te versterken, sloegen deze door Beauchamp gemaakte
bassen van Rickenbacker niet aan. Ook onder de merken Vega en
Regal verschenen in de 1930's elektrische contrabassen op de
markt.

1939-1940: Elektrische bas van Gibson
In opdracht van een klant bouwt
Gibson twee custom elektrische contrabassen. Ze hadden de vorm
van een gitaar, maar dan met een veel langere mensuur en moesten
wel bespeeld worden zoals de traditionele staande bassen.
1940's:
De contrabas in de jazz
De vierkwartsmaat wordt
standaard, de contrabas burgert helemaal in, met name met de
komst van de nieuwe stroming van kleine jazzbands met een eigen
sound, de bebop. Muzikanten als Charlie Parker, Dizzy Gillespie
en Thellonius Monk gelden als de uitvinders van deze stijl, die
de tegenhanger is van de swing en sterk leunt op individuele
virtuositeit op onder meer de gitaar en de contrabas. Steeds
nadrukkelijker gaat de tuba aan de kant ten faveure van de
contrabas. Beroemde contrabas spelers zijn en worden Walter
Page, Milt Hinton, Oscar Pettiford, Tommy Potter, Charles Mingus
en Jimmy Blanton. De laatste speelt met onder anderen Count
Basie en kan worden gezien worden als één van de eerste solisten
op de contrabas. In de 1950’s is Ray Brown de beroemde
jazzbassist.
1941:
Blues met stringbass
De blues dient zich steeds
nadrukkelijker aan. Arthur 'Big Boy' Crudup uit Mississippi gaat
de studio in na door Big Bill Broonzy ontdekt te zijn. Hij was
enkele jaren later één van de eersten die opnam met een trio dat
er als volgt uitzag: Crudup zelf op elektrisch versterkte gitaar
(ritmisch spel), een stringbass en drums, en dat laatste
gebeurde tot dan toe in de blues niet veel. Een vroege voorloper
van de latere popband is geboren, maar de basgitaar laat nog wel
even op zich wachten.
1947:
De contrabas wordt versterkt

Everett Hull was een pianist annex contrabas speler uit New York.
Hij ondervond dat in het geweld van de bebop en de blues de
contrabas steeds moeilijker hoorbaar werd. Hij wilde zijn
contrabas elektrisch versterken en ontwikkelde de zogenaamde
‘amplified peg’, een pin met een microfoon die via het
staartstuk in de akoestische contrabas bevestigd kon worden. Uit
het begrip ‘amplified peg’ ontstaat de bedrijfsnaam Ampeg.
Ergens rond dezelfde tijd zijn in Finland de broers Valter en
Gunnar Strommer actief als pioniers. Ze bouwen enkele massieve
staande elektrische bassen.
1951:
De rock & roll komt met de contrabas
Vroege vormen van rock &
roll dienen zich aan ofwel de zwarte voorloper rhythm & blues.
Blank en zwart waren cultureel sterk gescheiden en hadden elk
hun eigen hitparades in de VS. In de zomer van 1951 is
‘Sixty-minute Man’ van The Dominoes, een song met een sterk
seksuele lading, de eerste zwarte R&B song in de blanke
nationale popcharts. Op de bas is Bill Brown te horen.
November
1951: De Fender Precision Bass

In november 1951 dient een
grote gedaanteverandering zich aan. Leo Fender komt met een
elektrische solidbody basgitaar, de Fender Precision Bass,
gemaakt naar voorbeeld van zijn Telecaster massieve elektrische
gitaar. Het duurde overigens nog tot 1957 voordat de eerst dan
populaire rock & roll bands de elektrische bas omarmen. Op de
eerste grote rock & roll hits uit de periode 1954-1957 is
vrijwel zonder uitzondering nog gewoon de contrabas van de
partij. Leo Fenders Precision Bass gaat in 1952 in productie en
hij presenteert hem aan het begin van dat jaar tijdens een
vakbeurs in Chicago. Muddy Waters, dan op het hoogtepunt van
zijn roem, is één van de eersten die hem in zijn band laat
opnemen: hij laat de elektrische basgitaar bespelen door Willie
Dixon. Deze eerste commercieel succesvolle massieve elektrische
basgitaar verandert het gezicht van de populaire muziek
drastisch.
1952:
Fender Bassman

De Fender Bassman was 's werelds eerste versterker die specifiek
was bedoeld voor de versterking van elektrische basgitaren. Hij
werd gelanceerd in 1952, vlak na de Precision Bass. De eerste
Bassman had een Jensen luidspreker van 15 inch, in 1955
verscheen een uitvoering met vier Jensen speakers van tien inch.
Curieus genoeg werd deze amp in de loop der jaren uitermate
populair bij elektrische gitaristen en is deze basversterker
vaak geprezen als één van de beste gitaarversterkers ooit
gemaakt.
1952:
Gibson volgde spoedig

Gibson is één van de grootste gitaarbouwers van de VS, Leo
Fender is nog maar een heel kleine. Gibson komt op de markt met
de eerste Gibson Electric Bass EB-1, die qua ontwerp het midden
houdt tussen klein contrabasje en een viool (zo is de eindpin
van contrabassen nog onderdeel van het ontwerp). Höfner (ook wel
Hofner) baseert op de EB-1 zijn door Paul McCartney beroemd
gemaakte 'Beatle Basje'. Overigens is de naam EB-1 pas in 1957
aan het model toegevoegd, eerst was het gewoon Gibson Electric
Bass.
1954:
That's allright, mamma
Elvis Presley neemt ‘That’s
Allright, Mama’ op. Het ritme wordt bepaald door een doublebass
(contrabas dus) en de gitaar, een drumstel is niet van de
partij.
1956:
Het vioolbasje van Hofner
Beatles-voorman Paul
McCartney zou hem beroemd maken: Höfner ofwel Hofner presenteert
zijn succesvolle vioolbasje, de Hofner 500/1. Het ontwerp was
gebaseerd op de EB-1 van Gibson, gepresenteerde in 1952.
1957:
Neck-through-body constructie
Rickenbacker
presenteert de Rickenbacker 4000 bass, met het bodymodel waarmee
Rickenbacker later zo bekend werd. De Rickenbacker 4000 was de
eerste elektrische basgitaar met een zogenaamde
neck-through-body constructie. De 4000 was gebaseerd op de Combo
400, de elektrische gitaar die Rickenbacker een jaar daarvoor
had gemaakt en waarbij de hals ook doorliep in de massieve body
van het instrument. Hoewel deze methode eerder werd gehanteerd
bij de Hawaiaanse lapsteel guitars, betekende hij voor de
moderne gitaar- en basbouw een novum. Bedenker Roger Rossmeisl,
van geboorte Duitser, kreeg pas veel later de credits die hij
verdiende, toen menig deskundige vaststelde dat de
neck-through-body constructie de geluidstechnische kwaliteit (sustain,
helderheid) ten goede kwam.
Eind
1950's: De Zorko bas
De gebroeders Rudy en Ed
Dopyera - telgen uit de familie die Dobro oprichtten -
ontwikkelden de Zorko contrabas. Het was een holle bas in
vioolvorm (maar wel met staartpin) van glasvezel die later
verder werd ontwikkeld en vanaf het midden van de 1960's zijn
leven zou vervolgen als de curieuze Baby Bass van Ampeg. De Baby
Bass en vergelijkbare modellen zijn ook in later jaren nog door
verschillende firma's gemaakt.
1960:
EB-2 van Gibson
Gibson komt met zijn Gibson
EB-2, een basgitaar in de vorm van het gitaarmodel ES-335. Leo
Fender heeft zijn eigen primeur: hij houdt dit jaar Fender Jazz
Bass ten doop, een model dat zo mogelijk nog populairder zal
worden dan zijn baanbrekende Precision. In de wereld der
bassisten zullen de twee modellen van Fender leiden tot de
vakjargon-aanduidingen P-bass en J-bass.
1961:
James Jamerson doet zijn invloed gelden

Bassist James Jamerson stapt
over op de elektrische basgitaar en heeft door zijn bijdragen op
veel vroege hits van soullabel Motown veel invloed op de eerste
generatie beatbands. Onder anderen Paul McCartney noemt hem een
belangrijke invloed. In de periode 1957-1962 gaan steeds meer
rock & rollbandjes de basgitaar gebruiken die daardoor een vast
onderdeel van de bezetting wordt.
Danelectro komt in 1961 met
zijn beroemd geworden Longhorn Bass, een curieus design dat een
tijdlang bij menig band in gebruik was.
1961:
Macca koopt vioolbas

In het voorjaar van 1961
koopt Paul McCartney van de - dan nog onbekende - Beatles een
Hofner 500/1 vioolbasgitaar bij de Steinway muziekwinkel in
Hamburg, Duitsland. De basgitaar is gebaseerd op een model van
Gibson. In 1963 maakte Hofner een linkshandige uitvoering voor
Macca. De 500/1 wordt onder de naam Beatle Basje een van de
beroemdste basgitaren van de twintigste eeuw.

1962: Burns maakt actieve basgitaar
De Britse bouwer Burns komt met
de TR-2, de eerste actieve basgitaar ter wereld, met een
voorversterker dus die voeding krijgt van batterijen. Volgens
kenners was de techniek niet al te verfijnd en waren de actieve
bassen waarmee Alembic enkele jaren later kwam een stuk beter en
betrouwbaarder. Nog een mijlpaal van dezer jaren: Gibson komt
met de Thunderbird basgitaar.
Medio
1960's: Upright bass
Medio de 1960's is de
basgitaar dusdanig ingeburgerd, dat de staande contrabas al uit
het geheugen van velen lijkt te zijn verdwenen. De term '
upright bass' doet zich steeds vaker gelden als het
tegengestelde van de 'horizontale' elektrische basgitaar.
1966:
Ampegs AEB-1 en fretloze AUB-1
De
Ampeg AEB-1 basgitaar komt op de markt met zijn opvallende kop
in de vorm zoals contrabassen ze hadden. In 1966 lanceerde Ampeg
ook de AUB-1 ofwel de Ampeg Unfretted Bass. Het was de eerste
fretloze elektrische basgitaar die in serie werd gemaakt. Dat
baarde destijds niet al teveel opzien, want per slot van
rekening was de gewone basgitaar nog niet eens helemaal
ingeburgerd. Pas tien jaar later zou fretloos spelen (onder meer
door toedoen van Jaco Pastorius) in zwang komen.
Met de introductie van Ampegs AUB-1 kwam de elektrische
basgitaar weer een stapje dichterbij zijn voorvader te staan, de
grote staande (en fretloze) contrabas.
1966:
Bassist op de voorgrond
Op het eerste album van
supergroep Cream (‘Fresh Cream’) staat niet allen de meeste
besproken drumsolo aller tijden, maar treedt ook de bassist uit
zijn relatief anonieme rol. Op deze elpee treedt bassist Jack
Bruce naar voren. Hij wordt wel gezien als de eerste bassist die
de basgitaar nadrukkelijk op de voorgrond bracht.
1967:
Een basgitaar met 8 snaren
De Zweedse fabrikant
Hagstrom komt als eerste met een tamelijk succesvolle 8-snarige
basgitaar solidbody, de H-8.
1970:
Doorzichtige basgitaar
Gibson presenteert zijn
eerste basgitaar in de vorm van een Les Paul, maar dat is zeker
niet het meest opzienbarende basnieuws van 1970. Zeer bijzonder
is de Ampeg Dan Armstrong bas van plexiglas (doorzichtig dus).
1971:
Alembic bouwt voor Jack Cassidy
Alembic in San Francisco -
voortgekomen uit de scene rond Grateful Dead - bouwt voor
Jefferson Airplane bassist Jack Cassidy een basgitaar, de eerste
die Alembic ooit maakte. Alembic heeft met zijn bijzondere
design, afwerking en materiaalgebruik veel invloed op de latere
basbouwers en onder anderen Stanley Clarke is een bekende
Alembic speler.
1972:
De Earthwood van Ernie Ball
Eén van de eersten, zo niet
de eerste akoestische basgitaar verschijnt op de markt, de
Earthwood Bass van Ernie Ball.
1973:
Fretloos van Fender
De eerste in serie
vervaardigde fretloze basgitaar van Fender komt uit de fabriek,
de Fender Precision Bass Fretless.
1974:
Bass synth van Roland
Roland komt als eerste op de
markt met een bas synthesizer.
1976:
Hals van aluminium
Er komt een basgitaar op de
markt, namelijk de Travis Bean TB-2000, met een hals gemaakt van
aluminium. Kramer volgt een jaar later met de 650-B met ook een
hals van aluminium. Nog meer naam zal designer Ned Steinberger
gaan maken: hij komt met de NS-1 basgitaar, gebouwd door Stuart
Spector in New York. Maar het is dit jaar druk aan het basfront.
Er is namelijk nog méér opzienbarend basnieuws. In juni start de
productie van Leo Fenders uitermate populair geworden solidbody
bas Stingray bij Musicman. Dan is er bassist Jaco Pastorius (lid
van de Wheater Report)die komt met zijn eerste solo album en
uitgroeit tot de pionier op het gebied van de fretloze bas. Zijn
eerste fretloze bas was een Fender Jazz Bass van 1962 die hij
zelf fretloos maakte. Fretloos wordt een kleine trend.
1977:
Na aluminium komt grafiet
Alembic presenteert op de
NAMM 1977 de eerste bas met een gitaarhals van grafiet. John
McVie van Fleetwood Mac koopt dit exemplaar en speelt als eerste
muzikant ooit op een graphite bass. Nadien maakt Alembic ook
graphite halsen voor onder meer Musicman ofwel Music Man.
1979:
Steinbergers bas zonder headstock
De Amerikaanse ontwerper Ned
Steinberger start met de productie van zijn zogenaamde L-serie,
basgitaren van composiet materiaal en zonder kop. Met name het
model L-2 wordt zeer veel gekopieerd. Basnieuws is er ook uit
Japan: Ibanez komt met de basgitaar Musician en daarmee met een
nieuwe generatie bassen van Japanse makelij.
1982:
Een hals van carbonaat
Het experimenteren met
nieuwe materialen zet door. De Zon Legacy basgitaar ziet het
licht met een hals die is gemaakt van koolstof (ofwel
carbonaat). In 1984 komt Modulus eveneens met bassen waarvan de
hals is gemaakt van koolstof, verstevigd met glasvezels.
1983:
Half gefret, half fretloos
Je hebt fretloze basgitaren
en gefrette basgitaren, maar half om half is nRrlijk ook nog
een mogelijkheid. Deze kans benut de Japanse bouwer Ibanez in
1983 met de introductie van de MC-924. Vanaf de 12de positie is
deze basgitaar fretloos.
1984:
Mark, King of the Bass
Onder invloed van Mark King
(Level 42) groeit de verkoop van basgitaren met name in Europa
enorm. In de VS groeit Billy Sheehan ondertussen uit tot een
basgrootheid. In de band van David Lee Roth vecht Sheehan op het
podium met gitarist Steve Vai menig strijd uit en draagt zo bij
aan de verdere popularisering van de bas.

Yamaha heeft dit jaar ook iets nieuws in petto, de BB-5000, een
5-snarige bas, een van de eerste 5-snarige die in serie wordt
gebouwd (tot dan toe werden 5-snarige bassen vooral custom
gemaakt). Bassist Nathan East is een belangrijk pleitbezorger
van Yamaha's 5-dik-snaar.
1986:
Eerste elektro-akoestische basgitaar
De eerste akoestische basgitaar
was er in 1972, een échte elektro-akoestische basgitaar laat tot
dit jaar op zich wachten. Het is de Kramer Ferrington, met en
dunne body en een pickup in de brug. Fleetwood Mac en Aerosmith
gebruiken hem in videoclips en The Cure verschijnt er jaren
later mee in MTV Unplugged. Meer basnieuws in 1986: Gibson komt
tot overeenstemming met Ned Steinberger om diens (basdesign)
bedrijf Steinberger Sounds over te nemen. In 1990 krijgt Gibson
volledig zeggenschap over het bedrijf van Steinberger, in 2003
neemt Gibson de verloren zoon Ned Steinberger weer in de arm
voor adviezen en nieuwe ontwerpen.
1990:
12-snarige basgitaar van Hamer

Hamer komt met een
12-snarige basgitaar, ofwel 4 x 1 + 2 gepaarde snaren. De twee
bijsnaren van de vier dikke bassnaren zijn dunner en een octaaf
hoger gestemd. De Hamer 12-string is gebaseerd op een custom
gebouwde bas voor Cheap Tricks bassist Tom Petersen uit 1979.
Eerder, in 1981, kwam Modulus al met een prototype 12-string.
1993:
Nieuws van Ken Smith, Warwick en Peavey
Ken Smith komt met zijn
bejubelde basgitaren met 5 en 6 snaren. Ze worden bekendgemaakt
door Anthony Jackson, die eerder zorgde voor de popularisering
van de Fodera Contrabass, een 6-snarige bas die hij in 1989 zelf
mede in hoge mate ontwikkelde. Verder wordt in 1993 de alom
bejubelde kwaliteitsbas Warwick Thumb gepresenteerd en komt
Peavey met de Midi Bass, één van de eerste betrouwbaar werkende
midi bassen.
1996:
De nu-metal en de vijfsnarige basgitaar

Rond 1994 begint onder
aanvoering van vooral Korn de zegetocht van de nu-metal. Een
groot aantal bands volgt in het voetspoor van de snoeiharde
muziek met veel lage tonen. 'Down tuning', een neerwaartse
stemming, wordt populair.
De 7-snarige gitaar komt in trek, 5-snarige basgitaren vinden
gretig aftrek. Alle grote fabrikanten, van Yamaha tot Ibanez,
haken in op de trend van basgitaren met vijf snaren.
2003:
'Love Games' beste bassong
Lezers van Musicmaker kiezen de beste basgitarist, beste bassong
en beste basgear aller tijden. De Top 3 van de Beste Bassongs
volgens de muzikanten: #1 'Love Games' van Level 42, #2 'My
Generation' van The Who, #3 'Money' van Pink Floyd. Beste
Bassisten: #1 Jaco Pastorius, #2 Marcus Miller, #3 Mark King, #4
Paul McCartney, #5 John Entwhistle, #6 Flea, #7 Sting, #8 Billy
Sheehan, #9 Nathan East, #10 Les Claypool. Beste Basgitaar:
Fender Jazz Bass. Beste Amp: Ampeg SVT Series.
2004:
Modeling amp en modeling bas
Modeling
- het digitaal nabootsen van geluidskarakteristieken - is de big
thing in de muziekindustrie rond de millenniumwisseling. De
trend leidt in 2004 tot twee modeling primeurs. Yamaha
presenteert de BBT-500H amp, een digitale versterker die de
sound van elf historische basversterkers kan nabootsen. Eind
2004 komt Line 6 - de modeling grootheid bij uitstek - met een
andere primeur: de Variax Bass 700, een elektrische basgitaar
waarmee het geluid van bestaande basgitaren uit heden en
verleden kan worden voortgebracht (maar ook het geluid van een
contrabas en fretloze bassen).

Bron:Popmuzikant.nl
|