Televisie



 
Info-pagina

Terug naar Cissy-K Band

                                                                                                                                     

Back Home

Geschiedenis van de televisie

Televisie in Nederland

De geschiedenis van de Nederlandse televisie is nauw verbonden met die van Philips en met Erik de Vries. De eerste Nederlandse experimenten met televisie dateren van de jaren dertig van de 20e eeuw. Televisiepionier De Vries, werkzaam bij het Natuurkundig Laboratorium van Philips, bouwde de eerste zenders, en deed de eerste proeven. De eerste uitzending vond plaats in 1930 vanaf het torentje van het Amsterdamse Carltonhotel. De allereerste persoon die in Nederland op televisie verscheen was een dochter van Koos Speenhoff. Zij werkte bij Philips op de administratie en mocht optreden als presentatrice tijdens een experimentele uitzending in 1935.
Philips verzorgde tussen 1948 en 1951 264 experimentele televisie-uitzendingen, die werden geleid door Erik de Vries. Ze werden ontvangen door enkele honderden toestellen die in Eindhoven stonden opgesteld, voornamelijk bij Philipsmedewerkers.

Op 12 december 1949 gaf de toenmalige minister van Verkeer en Waterstaat toestemming tot de officiële introductie van televisie in Nederland. Na twee jaar experimenteren en debatteren was de Nederlandse Televisie Stichting (NTS) opgericht, waarin de vier grote omroepverenigingen (AVRO, KRO, VARA en NCRV), en later ook de VPRO waren opgenomen. De eerste (zwart/wit) televisie-uitzending was op 2 oktober 1951, 20.15 uur, vanuit de NTS-studio, studio Irene te Bussum. Na de officiële opening door de staatssecretaris mr. Cals en de NTS-voorzitter prof. J. B. Kors (KRO) volgde als hoofdschotel het spel de Toverspiegel. De Amsterdamse journaliste Jeanne Roos was de omroepster van het eerste uur.

De beeldsignalen werden door de televisietoren in Bussum naar de zendmast bij Lopik (in feite IJsselstein) verzonden, die ze na ontvangst doorzond naar de toen nog zeer weinige ontvangsttoestellen in Nederland. In 1952 werd de eerste Hilversumse zendmast in gebruik genomen, die stond aan de Insulindelaan, nabij het latere Mediapark. In 1971 werd de huidige zendmast gebouwd; de oude bleef nog staan tot 1976.

Dat 'Hilversum' vanaf het begin meer dan Bussum verbonden bleef aan het begrip 'omroep' kwam door de namen van de vijf radiozenders: Hilversum 1 t/m 5. Pas in 1985 werden die namen gewijzigd in 'Radio 1 t/m 5'.

Eerste televisiestationHet televisiekijken in de jaren 50

In 1951 werd Nederland 1 het eerste Nederlandse televisiestation. In 1967 werd kleurentelevisie* officieel in Nederland geïntroduceerd. Het in Nederland geadopteerde kleurensysteem was het door de Duitse Dr. Walter Bruch van Telefunken uit het Amerikaanse NTSC systeem doorontwikkelde PAL systeem. Rond 1985 hadden de meeste Nederlandse huishoudens een kleurentoestel aangeschaft en was het aantal publieke televisiezenders gestegen tot 3. Populaire televisieprogramma's als Spel zonder grenzen, Swiebertje, de De lopende band en een dramaserie als De glazen stad trokken vele miljoenen kijkers; televisiekijken werd algemeen de belangrijkste vorm van vrijetijdsbesteding en nam steeds meer de rol over van het traditionele gezelschapsspel of het lezen van een boek. Critici begonnen zich te roeren en wezen op de bedenkelijke invloeden van geweld en seks op de televisie, vooral op de jeugd. De Amerikaanse socioloog en pedagoog Neil Postman schreef een boek getiteld Wij amuseren ons kapot. Hij doelde daarmee vooral op het vluchtige karakter en de afstompende invloed van de media, met name de televisie. Hij was ook tegen de commercialisering van de media. Rond het begin van de 90-er jaren veranderde er in Nederland in dat opzicht ook veel.

Het televisiekijken in de jaren 50

*Kleurentelevisie is een uitvinding die in Nederland in december 1967 werd geïntroduceerd. In de jaren 70 van de 20e eeuw werd kleurentelevisie voor een groot publiek betaalbaar en verdrong de kleuren-tv gaandeweg het zwart-wit televisietoestel. De Tv-verslaggever gaf ten behoeve van zwart-witkijkers bij een voetbalwedstrijd nog tot ongeveer begin tachtiger jaren door welke voetbalteams in lichte en welke in donkere shirts speelden.

Het bijzondere aan uitzendingen in kleur is dat ze ook te ontvangen zijn met een zwart-wit-TV, uiteraard zonder kleur, maar zonder technische aanpassingen. In Europa wordt een systeem gebruikt met de naam PAL, terwijl in Amerika een ander systeem, NTSC, wordt gebruikt. Amerikaanse TV's en andere videoapparatuur zijn om die reden meestal niet bruikbaar in Europa, en omgekeerd. Frankrijk heeft nog een ander systeem ontwikkeld genaamd SECAM dat onder andere door de USSR is geadopteerd. De verschillen in deze drie systemen bestaan voornamelijk uit hoe het probleem van het verlopen van het kleurenspectrum door kleine faseverschillen in het ontvangstsignaal worden opgelost. Deze faseverschillen zijn vaak het onvermijdelijke gevolg van imperfecties in het ontvangen antennesignaal doordat de elektromagnetische golven van het Tv-signaal vaak door gebouwen en zo weerkaatst worden. Hierdoor ontstaan er in het kleurenbeeld, als daar geen maatregelen tegen genomen worden, kleurfouten en kan het bijvoorbeeld voorkomen dat het roze van een gezicht een groenige tint krijgt. PAL en SECAM hebben elk een oplossing voor dit probleem, maar NTSC niet. Kleurfouten moeten dan soms met de hand gecorrigeerd worden. Daarom wordt de afkorting NTSC soms wel eens spottend als "Never The Same Color" uitgelegd.

De beeldbuis van een kleuren-tv is aanmerkelijk anders dan die van een zwart-wit tv, net als de opnameapparatuur. Intern is alles drie maal uitgevoerd: 1 maal voor rood, 1 maal voor blauw en 1 maal voor groen. Met die drie kleuren kunnen voor het menselijk oog alle zichtbare kleuren worden gemengd, volgens het RGB-systeem.

Eerste commerciële station

Tot dan toe was in Nederland televisie met zijn verzuilde zendgemachtigden een uniek, open bestel met slechts drie televisiekanalen, conform de wetgeving voor de Publieke omroep. Op 2 oktober 1989 werd de eerste buitenlandse, op Nederland gerichte commerciële televisiezender (RTL Véronique, in 1990 gewijzigd in RTL4) via nieuwe wetgeving toegelaten. Begin 1992 werd binnenlandse commerciële omroep mogelijk. Op 30 augustus 1993 werd in Nederland het fenomeen dagtelevisie geïntroduceerd. In oktober van dat jaar begon RTL5 met uitzenden. Op 1 september 1995 verliet de Veronica Omroep Organisatie (VOO) de publieke omroep om samen met Endemol het eerste binnenlandse commerciële station te beginnen. Sinds die tijd zijn er nog ettelijke binnenlandse commerciële omroepen bijgekomen, met name RTL 7, SBS 6, Talpa en Net 5. Andere initiatieven, zoals TV10, sneuvelden.

Ook op het technische vlak veranderde er bijzonder veel. In de 90-er jaren van de 20e eeuw werd massaal overgeschakeld van film naar video, van analoge naar digitale televisie, kwam er kabeltelevisie en satelliettelevisie, breedbeeldtelevisie, HDTV en integratie met internet en mobiele telefoon. Ook veranderden opname-, montage- uitzend- en opslagtechnieken, niet alleen bij de Nederlandse televisie, maar wereldwijd.

Mijlpalen in de Nederlandse televisiegeschiedenis

Tijdlijn Nederlandse televisiekanalen